logo Frailea - Hidden treasures
Articles
  home    
Succulenta (Netherlands) 50(3): 46-47, 1971.

Frailea ybatense Buining et Moser sp. nov.
A.F. H. BUINING
Corpus solitarium, applanate rotundum, ad 4 cm diam., ad 2,5 cm altum, virescens ad atro-viride. Costae ad 24, in plana tubercula rotunda papilli-formiaque solutae, 6 mm diam., plerumque rubescentes ad violacescentes. Areolae ex longo rotundae, tomento eburnescenti tectae. Spinae aliquo curvatae, pectinate et in obliquum radiate positae, utrimque 5, una infra, una (—2) supra; raro una spina centralis, omnes paulo asperae, albes-centes sine colore. Flores infundibuliformes, 30 mm longi latique, citrini. Pericarpellum 8 mm longum, 5 mm latum, infra nudum, ceterum saetis brunneis albipilosumque. Receptaculum 5 mm longum, saetis brunneis albipilosumque. Folia perianthii exteriora spathulata, acutissimo apice, lurida viridibus striis; interiora spathulata, acuta, subtiliter ciliata, pallide-citrina. Stylus 10 mm longus, pallide-flavus. Stigmata 5, 3 mm longa, flavo-albes-centia. Stamina primaria 9 mm longa, circum stylum inserta, pallide-flava; secundaria 5-7 mm longa, pallide-flava. Antherae 1 mm longae, flavae. Camera nectarea 0,5 mm lata, aperta. Caverna seminifera 5 mm longa, 2,5 mm lata. Fructus rotundus, 7 mm diam., fulvis saetis albipilosusque. Semen galeriforme, obscure-brunneum, obsolete nitidum, 1,7-1,9 mm longum, 1,2-1,4 mm latum, brevissime subtilissimeque pilosum; testa par-vissimis fere planis tuberculis tecta. Habitat ad Ytá-Ybaté ad ortum brumalem Asunción, Paraguay.
succ1971_46_1.jpg
Frailea ybatense
 Foto Moser
Lichaam enkel, platrond, tot 4 cm diam., tot 2,5 cm hoog, midden- tot donker­groen. Ribben tot 24, opgelost in ronde, vlakke, tepelvormige knobbeltjes van 6 mm diam., meestal rood- tot violetachtig. Areolen ovaal, met ivoor-achtig vilt. Dorens iets gebogen, kamvormig, stralend zijwaarts gesteld, aan weerszijde 5, onderaan 1, bovenaan 1 (—2); zelden 1 middendoren, alle iets ruw, witachtig kleurloos. Bloem trechtervormig, 30 mm lang en breed, citroengeel. Pericar-pellum 8 mm lang, 5 mm breed, onderaan kaal, verder met bruine borstels en witte haren. Receptaculum 5 mm lang, met bruine borstels en witte haren. Buitenste perianthbladeren spatelvormig, met naaldfijne punt, vuilgeel met groene strepen; binnenste spatelvormig, spits, fijn gewimperd, licht citroen-geel. Stijl 10 mm lang, lichtgeel. Stempels 5, 3 mm lang, geelwit. Primaire meel-draden 9 mm lang, rond stijl ingeplant, lichtgeel; secundaire 5-7 mm lang, lichtgeel. Helmknopjes 1 mm lang, geel. Nektarruimte 0,5 mm breed, open. Zaadholte 5 mm lang, 2,5 mm breed. Vrucht rond, 7 mm diam., met lichtbruine borstels en witte haren. Zaad mutsvormig, donkerbruin, mat glanzend, 1,7-1,9 mm lang, zeer kort en fijn behaard; testa met zeer kleine vrijwel vlakke buitjes. Groeiplaats Paraguay, bij Ytá-Ybaté, zuid oost van Asunción.
Valid HTML 4.01 Transitional

All material, except where otherwise credited, is Copyright
 © 2005-2007 Paul C. Laney

---------- end of page ----------