logo Frailea - Hidden treasures
Articles
  home    
Succulenta (Netherlands) 60(3): 74-75, 1981.

Op zoek naar cactussen in Rio Grande Do Sul (I)
K.H. PRESTLÉ

Het is 22 oktober 1979. De zon is zojuist aan de horizon verschenen, wan­neer ik het hoogland van Peru onder mij zie liggen. Het beeld van de sterk geërodeerde, onbeboste hoogvlakte is fascinerend en maakt een diepe indruk op mij. De kleuren van het gesteente van de verschillende bergmassieven wisselen voortdurend van okergeel, steenrood tot mangaanbruin. Slechts het voor ons, Europeanen, zo bekende groen ontbreekt hier volledig in de bergen, of is alleen als een smalle streep te zien in de diepe kloven en dalen. Het uitzicht wordt nu en dan onderbroken door witbesneeuwde bergreuzen, die hun toppen tot boven de wolken verheffen, daarna is het weer hetzelfde als voordien. Of wij nog boven Peru vliegen of al boven de ber­gen van Bolivia is van hieruit niet vast te stellen. Men moet deze berg-wereld in vlieguren bemeten, want wegen ziet men in dit land slechts weinig, zodat grote delen nog onontdekt moeten zijn.
Na enige uren bereiken wij tenslotte de groene gordel van Brazilië en weten, dat wij spoedig in Rio de Janeiro zullen landen.
De douanecontrole duurt slechts kort, zodat ik spoedig kan beginnen aan de binnenlandse vlucht met de Braziliaanse maatschappij "Varig" naar Porto-Alegre, het einddoel van een reis van meer dan 36 uur. Na 3 uur vliegen is het dan zover: 's nachts om 12 uur landen we in Porto-Alegre. De begroeting in het huis van mijn vriend en begeleider "Xico" is buitengewoon hartelijk en na een uurtje kletsen in de cactuskas is de slaap niet meer tegen te houden. De volgende morgen besluiten wij direkt een dagtocht naar Guaiba te maken, dat zo ongeveer voor de deur van mijn vriend ligt, slechts gescheiden door de Rio Jacui, die op deze plaats ongeveer 1000 m breed is. Om aan de andere oever te komen kost ons een uur, omdat we door de stad moeten. Porto-Alegre is qua grootte en belangrijkheid zo ongeveer met Rotterdam of Hamburg te vergelijken. Het heeft ook dezelfde verkeersproblemen, misschien met dat verschil, dat de Brazilianen nog minder gedisciplineerd rijden. Toch komen er weinig ongelukken voor, want ook hier komt niemand gaarne met de politie in aanraking. Direct na de overtocht over de Rio Jacui verandert het landschap volledig, vogels zingen en het verkeersgedruis blijft ver achter ons. Guaiba behoort, met zijn bergachtig landschap tot een bergrug, waarin Porto-Alegre ingebed ligt. Deze uitloper van de bergrug interesseert mij bijzonder, omdat hier o.a. Frailea alacriportana groeien moet.
Deze Frailea, die vroeger in grote aantallen rondom Porto-Alegre moet hebben gegroeid, komt nu nog maar op enkele plaatsen voor. De plant werd in 1949 door Backeberg & Voll beschreven, maar Ritter is van mening, dat deze naam een synoniem is voor Frailea gracillima Lem. en daardoor ongeldig. Ritter gaat er van uit, dat beide beschrijvingen min of meer gelijk zijn en dat Frailea gracillima in Paraguay (de aangegeven vindplaats) nooit gevonden werd, zodat de beschreven plant uit het gebied rondom Porto-Alegre afkomstig moet zijn. Een op zijn minst discutabele gang van zaken, want beide beschrijvingen zijn zeer kort gehouden, belangrijke gegevens ontbreken geheel en de planten zijn, bij de huidige kennis van het geslacht Frailea, niet nauwkeurig gedefinieerd. Een nauwgezette studie over Frailea alacriportana moet derhalve een bijdrage leveren om hieromtrent de waarheid te achterhalen. Bij het beklimmen van de bergen van Guaiba maakten wij direct kennis met de "zwarte pest", zoals ik dit verschijnsel, dat men steeds weer tegenkomt, noem. De "zwarte pest",
die alle plantengroei op de bergen en weidegronden van Rio Grande do Sul langzaam vernietigt, ontstaat door het regelmatig afbranden van de bergen en hoogvlaktes door de veehouders. Door dit afbranden wordt niet alleen de plantengroei zelf, maar ook de zo belangrijke laag korstmossen vernietigd. Het zeer dunne laagje aarde kan nu het vocht in het warme jaargetijde niet meer opslaan en de planten verdrogen. Wat over blijft is een troosteloos land­schap, waar later nog slechts Pampasgras wil groeien.
Derhalve vonden wij alleen nog op min of meer beschutte plaatsen tussen rotsblokken, waar de vlammen niet konden komen, Wigginsia longispina (PR 280), Opuntia alacriportana, diverse Bromelia's en Dyckia's en tenslotte ook nog enige exemplaren van Frailea alacriportana.

Veerpont in een oerwoud op de weg naar Quevedos RS
Foto van de schrijver
075-1.jpg

Dat wij later in deze bergen in een tot dusverre veronachtzaamd gebied toch nog een nieuwe Frailea konden vinden en bestuderen, was uitsluitend te danken aan het uitstekende voorafgaande werk van mijn vriend "Xico", die deze uiterst klein blijvende Frailea hier op een van zijn strooptochten ontdekte. Deze Frailea, die wij de naam Frailea guaibensia nom. prov. (PR 117) geven, is het bewijs voor de stelling, dat men bij de beoordeling van vroegere korte beschrijvingen zeer voorzichtig moet zijn.
Pas bij een nauwgezet onderzoek op de vindplaatsen blijkt, of men met een gelijke dan wel een andersoortige plant van doen heeft. Frailea guaibensia nom. prov. wordt in de natuur slechts 2 cm hoog en 0,7 - 1 cm breed. Het is dus typisch een miniatuur-Frailea, die, als de naam "gracillima" al niet eerder gebruikt was, recht op deze naam zou hebben.
Wij blijven ook de volgende dag in de omgeving van Porto-Alegre, maar bezoeken deze keer het aan de andere kant van de stad gelegen gebied Viamao, om daar ons geluk te beproeven. Ook hier op slechts één, nog niet afgebrande berg een mooie populatie van Frailea alacriportana (PR 156), die hier op het zeer poreuze basaltgesteente "Areniet" groeit. Verder vinden wij hier nog Cereus alacriportanus, Opuntia alacriportana, Notocactus arechavelatai var. alacripor-tanus (PR 214), benevens enige Bromelia's. Op de terugweg rijden wij in Porto-Alegre naar een braakliggend bouwterrein, waar volgens mijn vriend midden in de stad nog Frailea alacriportana moet voorkomen.
Op dit terrein vinden wij tenslotte, verstopt onder allerlei rommel, enige planten, die, botanisch gezien, zeer interessant zijn, omdat dit stadstype in enkele wezenlijke details afwijkt van het bergtype. Het stadstype is veel meer vertakt en lijkt eigenlijk het meest op Frailea gracillima. Helaas zal deze stadspopulatie van Frailea alacriportana spoedig verdwenen zijn, want ook in Porto-Alegre is bouwgrond kostbaar.

Vijverweg 12. 5461 AL Veghel
Vertaling: A. Pullen
  (wordt vervolgd)
Valid HTML 4.01 Transitional

All material, except where otherwise credited, is Copyright
 © 2005-2007 Paul C. Laney

---------- end of page ----------